Lentegodinnen: Een rijkdom aan verhalen

Ontdek de fascinerende wereld van lentegodinnen, die van oudsher een belangrijke rol spelen in verschillende culturen. Laat je inspireren door hun verhalen en de diepe verbinding met de lenteseizoenen. Duik met Brigid's Sibbe in de wonderlijke wereld van de lentegodinnen.

Lentegodinnen door de eeuwen heen

Al sinds de oudheid kennen we lentegodinnen, elk met hun eigen unieke verhaal. Afhankelijk van het land, de cultuur en het geloof, tonen deze godinnen vaak overlappende kenmerken, terwijl sommige een heel specifiek aspect belichamen. Neem de tijd om te overdenken hoe divers deze figuren zijn en welke lessen we van hen kunnen leren.

Verbinding, geen vergelijking

Bij Brigid's Sibbe benaderen we lentegodinnen niet als losstaande entiteiten, maar zien we ze als verbonden met elkaar. We plaatsen ze niet naast of tegenover elkaar, maar onderzoeken de overeenkomsten en de manier waarop ze elkaar aanvullen. Deze benadering biedt een dieper inzicht in de essentie van de lente en de goddelijke vrouwelijke energie.

Inzicht en begrip

We hopen dat deze pagina je een groter inzicht en begrip heeft gegeven voor de verscheidenheid aan lentegodinnen. Laat je inspireren door hun kracht en wijsheid, en ontdek hoe je deze energie kunt integreren in je eigen leven. Bij Brigid's Sibbe delen we graag onze kennis en passie voor traditionele hekserij.

Wanneer  de Aarde haar Adem Uitademt

Wanneer de eerste zonnestralen de aarde raken, verandert niet alleen het landschap.
Er verschuift iets onder de huid van de wereld. Geluiden komen terug. Tijd versnelt.
En in die opwinding herinnert de vrouw zich iets ouds; niet met woorden, maar met haar lichaam.

De lente komt nooit alleen. Zij komt met vrouwen. Niet als één godin, maar als vele gezichten van dezelfde cyclus.

 

Aan het begin van het jaar

 

Aan het begin van het jaar stijgt Persephone op. Ze is licht, haar handen kennen bloesem en belofte. Ze volgt een beweging die ze zelf helemaal begrijpt: nieuwsgierigheid, verlangen, het eerste ja tegen het bekende. De aarde opent zich onder haar — niet wreed, maar onomkeerbaar.

Naast haar staat Hecate, hoedster van kruispunten. Zij wijst geen richting. Zij blijft staan. In haar zwijgen voelt het meisje dat wat achter haar ligt niet langer past. Zo begint de eerste lente van de vrouw: het moment waarop ze leert dat initiatie altijd iets kost.

Soms verschijnt Flora. Haar schoonheid is stil, haar nabijheid vreugdevol. Zij belichaamt de aantrekkingskracht van wat een bedding heeft. Wie haar volgt, leert dat niet alles wat schittert, verwarmt.

 

Als de warmte dieper wordt..


Wanneer  de dagen hun kleur terug krijgen, verschijnt Demeter. Niet als godin van overvloed, maar als vrouw midden in het leven, met volle handen. Haar lente is groei terwijl alles doorgaat. Liefde zonder garantie. Zorgen terwijl iets groeit.

In haar schaduw werkt Vrouw Holle. Ze woont boven putten en in huizen waar handen blijven bewegen. Wanneer zij haar dekens afschudt, valt regen — zacht, voedend, beschermend. Zij leert dat lente niet alleen groei is, maar ook onderhoud: ritme, zorg, het kleine serieus nemen wanneer het grote spreekt.

Over groene paden beweegt Skadi. Haar adem is zacht, haar houding recht. Zij leert grenzen. Hoe een vrouw blijft staan in omstandigheden die haar gunstig gezind zijn. Skadi scherpt kracht door warmte.

Verderop wacht Maia, gedragen in bloesem en groen. Men verwelkomt haar, vereert haar, viert haar — en toch is zij niet altijd daar. Haar lente is ontluiking. Het moedige toelaten van wat leven draagt.

Wanneer de warmte volledig wordt, wanneer zelfs verlies vervliegt, verschijnt zij. Ostara.

Haar huid is zacht, haar adem lieflijk. Zij bewaart de levensenergie van het land terwijl alles groeit. Dit is de lente van de jonge vrouw: niet leeg, maar vol potentie. Zij hoeft niets meer uit te leggen. Zij weet wat blijft wanneer alles groeit.

Laag over de daken vliegt La Befana, haar bezem dansend langs het nieuwe jaar. Ze veegt, sorteert, opent. Ze deelt uit wat passend is: zoet of licht. Haar magie zit in afronding. In het herkennen van voltooiing.

Diep onder de zon, in de heldere zee, zit Sedna. Haar haren los, haar blik onwrikbaar. Zij bewaart de oerbalans. Wanneer grenzen worden overschreden, trekt zij zich terug. Zoals de jonge vrouw dat doet. Zonder uitleg. Zonder compromis.

Dit is de diepste lente. De lente waarin alles mag. Waar warmte geen verplichting is, maar opslag.

 

Kanteling van de cylus

En dan, bijna onmerkbaar, verschijnt een verschuiving:

-Geen duisternis. Geen stilte. Maar een vonk!

Brigid.

Haar vuur brandt hoog. In haarden, in harten, in woorden die weer durven ontstaan. Ze staat bij bronnen waar het ijs van buitenaf smelt. Brigid verdrijft de duisternis niet — zij verlicht haar. Zij herinnert aan genezing, aan poëzie, aan maken zonder haast.

Met haar komst kantelt de cyclus.

Persephone daalt af — niet meer als meisje, maar als vrouw die de diepte kent.
Demeter zaait opnieuw, met herinnering in haar handen.
De Cailleach legt haar staf neer.
Vrouw Holle klopt het laatste sneeuw uit haar lakens.
La Befana verdwijnt in rook en lach.
Morana lost op in water en as.

 

De vrouw draagt ze allemaal in zich.

Het meisje dat opstijgt.
De vrouw die draagt.
De jonge die bewaart.
En Brigid ; de innerlijke vlam die weet wanneer het tijd is om terug te keren.

Niet als rechte lijn, maar als cirkel. Soms tegelijk. Soms opnieuw.
Elke lente in haar leven ~groei, beweging, verandering ~ is een echo van deze oude orde. Lente is geen begin. Lente is het moment waarop de vrouw haar kracht verzamelt,

  • haar energie bewaart,
  • haar waarheid aanscherpt,
  • en, wanneer de tijd rijp is, 
    het vuur weer aansteekt.



En wanneer de aarde inademt, verdwijnen de godinnen niet.

Ze wachten. Tot de wereld, en de vrouw, weer stil genoeg zijn om het vuur te horen ademen.